Daar kun je van dromen...
Er wordt wat afgedroomd. Rare dromen, nare dromen, ware dromen. Niet lang geleden verscheen de autobiografie van Barack Obama in het Nederlands. De Engelse titel luidt: 'Dreams from my Father'. Zijn vroegere juffrouw vertelt van hem dat hij op zevenjarige leeftijd een fantasieverhaal schreef. Hierin liet hij weten dat hij dolgraag president wilde worden. Wie weet gaat zijn jongensdroom in vervulling. Zo trouw jij misschien ook nog weleens met het meisje of met de jongen van je dromen.
Een droom is dat wat de geest zich denkt zonder dat het werkelijkheid hoeft te zijn. We moeten ook weleens uit onze droom geholpen worden. Misschien liep je weleens een blauwtje of dacht je over te gaan met een minimum aan studieijver, maar werd je “doublant”. Het is best goed dat we de realiteit van het leven onder ogen willen leren zien. Daar wordt je wijs van. Het is een slecht teken wanneer we ons graag een droomwereld scheppen. Want “schijn bedriegt”. Door ons rusteloze zoeken naar een verloren paradijs zonder God zien we de werkelijkheid van ons leven niet graag onder ogen. Veeleer zijn we een speelbal van wat op de “ijdelheidskermis” van onze huidige beeldcultuur te beleven valt dan dat we eerlijk een heilzaam standpunt over de doorsnee speelfilm overwegen. Als slaven van het kwaad laten we ons infiltreren door het voze en verdorvene van een schijnwereld, terwijl we niet in de gaten hebben dat de functie van ons geweten aan het uitslijten is en we de Heere verdriet doen door Zijn kostbare genadetijd te verprutsen.
“La vida es suenuo” (“Het leven is een droom”) zo heet een bekend Spaans toneelstuk uit de 17e eeuw. Inderdaad, de mens verbeeldt zich van alles in dit leven. Maar God kan ons uit die valse droom helpen. Een jongen zei eens: “Toen mijn broer stierf, was het of ik ineens wakker werd. Ik had me van het leven van alles voorgesteld, maar God riep me tot de orde. Zo kon ik niet meer verder leven”.
In dit verband wil ik je van harte aanraden om de wereldbekende droom van John Bunyan te lezen. In die droom ontvlucht hij de werkelijkheid niet, maar brengt hij de realiteit van jouw en mijn bestaan aan de orde in de vorm van een allegorie. Aan het begin van zijn “The Pilgrim’s Progress” lezen we “And as I slept, I dreamed a dream. I dreamed and behold I saw a man clothed with rags standing in a certain place, with his face from his own house, a book in his hand and a great burden upon his back.. I looked and saw him open the book and read therein, and as he read, he wept and trembled; and not being able longer to contain, he brake out with a lamentable cry, saying:” What shall I do”?
Gefeliciteerd ben je als je in grote lijnen jezelf herkent in de verdere levensloop van deze pelgrim: Hij ging door de enge poort en tenslotte door de hemelpoort, waarboven Openbaring 22:14 geschreven stond.
Daar kon John Bunyan van dromen…
Eigenlijk heb ik het fenomeen “droom” tot nu toe wat laten liggen. Dromen zijn lang niet altijd bedrog! Ze vertellen ons iets over wie we zijn. Ze brengen onze gevoelens van angst, liefde, haat, begeerte, schuld enz. in beeld. Ons droomleven is onderworpen aan de zondeval. En de duivel wil er maar al te graag misbruik van maken. Veel dromen laten ons iets zien van onze slechte aard, onze zondige begeerten, onze verkeerde gezindheid. Dat is ontdekkend. Heb jij je weleens n.a.v. een droom vernederd voor God? In dat opzicht wil God soms gebruik maken van onze slaapdromen.
Het behaagt de Heere soms op een bijzondere manier over te komen in de slaap. Onlangs las ik daarvan verschillende voorbeelden. Ik raad jullie aan de levensbeschrijving van ds. J. Mijnders te lezen. Hij schrijft hierin hoe hij op een verrassende wijze als in een droom een ogenblik mocht zien wat Gods Kerk eenmaal hierboven, voor eeuwig verlost van zichzelf, te beurt zal vallen. Daarna mocht hij zien op een lijdende Zaligmaker en heeft hij de gemeenschap ervaren met de verloste schare in de hemel. Daar mocht hij van dromen…
De duivel bracht hem in grote aanvechting door hem wijs te maken dat dromen bedrog zijn en dat God niet meer door dromen werkt. Totdat hij niet lang daarna een preek hoorde die begon met de zin: “Honderd dromen, negenennegentig bedrog, maar één uit God”! Het ging over Genesis 37:10. “Wat is dit voor een droom die gij gedroomd hebt”? Alle twijfel verdween uit zijn hart.
Voor wie het heil des Heeren wacht, kan er wel eens van dromen…
Heb je een vraag aan de columnist, mail deze dan naar het columnbeheer. Je vraag komt dan op het goede adres terecht!