Blijdschap - Hij maakt blij
Wat is het fantastisch om blij te zijn. Wat zou je denken van het hebben van een vriend(in) waarmee je je leven hoopt te gaan delen. Wat geeft het gelukkige momenten als hij/zij naar je luistert als je echt niet lekker in je vel zit. Wat is het heerlijk om bij elkaar te zijn. Woorden zijn niet nodig. Misschien heb je nog wel geen verkering en verlang hier heel erg naar. Het maakt je gewoon onzeker als het langer gaat duren of dat je de ware maar niet kunt vinden. Eigenlijk helemaal geen reden hebt om blij te zijn.
Wat meer is en boven al dit aardse gepraat heel ver uitstijgt, is geestelijke blijdschap. Als je dat wel eens mag ervaren, dan weet je ook dat dit nog veel zoeter is dan al die vormen van blijdschap die we hier in onze verdorven wereld kennen. Hiervoor moeten we natuurlijk niet naar beneden kijken maar we moeten juist omhoog kijken. Alleen Christus kan ons die blijdschap geven die niet meer in woorden uit te drukken is en waar je verstand eerbiedig bij stilstaat. Wat mij altijd weer bijzonder treft is geschiedenis van de Emmaüsgangers in Lukas 24: 13-35. Wat bijzonder dat ze eerst heel erg bedroeft zijn én tegelijk ook een brandend hart (vers 32) van verlangen hebben naar die Jezus die voor hun idee nog in het graf ligt. Als je goed leest zie je dat dit hart brandend werd door het openen van de Schriften. Met andere woorden: de Bijbel gaat open. Zie je hoe belangrijk het is dat je elke dag opnieuw met veel aandacht en rust uit de Bijbel leest. Dát is het middel waardoor de HEERE ons hart brandend maakt. Je zou ook kunnen zeggen: droevig maakt. De Emmaüsgangers misten Jezus heel erg en tegelijk verlangden ze ook heel erg naar hem. Zie je dat dit in deze geschiedenis samen op gaat? En dat was echt hun eigen schuld. Kijk maar in vers 25 waar de Heere Jezus hen ongeloof verwijt. Helaas zit daar de bron voor het feit dat er zo weinig geestelijke blijdschap is. Maar toch…is het er! Nooit vergeten. Kijk maar weer naar die Emmaüsgangers: De Bijbel gaat open, ze dwingen Hem zelfs bij hen te blijven (wat een prachtige overeenkomst met Jacob: “ik laat U niet gaan tenzij Gij mij zegent”) en dan zorgt Gods Geest ervoor dat hun ogen open gaan en ze Jezus zien. Dat is een moment om nooit te vergeten! Wat een blijdschap. Je moet je voorstellen. Het is avond, de maaltijd is geweest maar die Emmaüsgangers waren er zo vol van, ze konden geen moment meer wachten en zijn direct naar de discipelen gegaan om te vertellen dat de Heere echt is opgestaan ( vers 34). Waar het hart vol van is, stroomt de mond van over. En ze vertellen heel het verhaal, van begin tot het eind (vers 35). Wat is het geweldig als je zo de Heere Jezus in het middelpunt van je leven hebt staan. Dan valt alles eromheen weg en leef je in een blijdschap die je met je verstand absoluut niet kan beredeneren. Ken je deze blijdschap al? Ben je al jaloers geworden op die Emmaüsgangers en op alle mensen die de HEERE hebben leren kennen? Ik mag je bij dezen heel veel geluk (hemels geluk) toewensen. Bid veel of de HEERE je hart wil openen voor die Zaligmaker en je ook die geestelijke blijdschap mag proeven zodat je echt helemaal gericht mag zijn op Hem. Met recht mag je dan zeggen: dat zijn zalige momenten. Iets om naar uit te zien, toch?