Inleiding Toekomstverwachting
Een kernmerk van onze tijd is dat veel mensen een sombere toekomstverwachting hebben. De wereld vervuilt schrikbarend en dat terwijl de natuurlijke bronnen van welvaart uitgeput worden. Neem je daarbij de toenemende verslavingen en een kultuur die haar ethische fundering verliest, let je ook nog op het wegkwijnen van natuurlijke liefde, de vereenzaming, de groeiende misdaad en nog zoveel meer, dan is het ook moeilijk een rooskleurige toekomstverwachting te hebben.
Onze toekomstverwachting
We moeten voor ons oordeel niet alleen om ons heen kijken. We moeten eerst in Gods Woord kijken en luisteren naar wat de Schepper van hemel en aarde van de toekomst van de wereld heeft gezegd. Daar lezen we dat de wereld voorbij gaat, met haar begeerlijkheid; ze zal vergaan door Gods oordeel en Hij trekt de Zijnen er uit. Zijn Koninkrijk is niet van deze wereld, maar van hoger orde en alleen degenen die daarbij horen hebben een goede toekomst. Het is de toekomende stad, het Koninkrijk der hemelen, het Jeruzalem dat van God afdaalt. Het zal komen als een steen, zonder handen gemaakt, en zal de goddelozen van deze wereld vermalen, zo heeft Daniel het gezien. Het zal in der eeuwigheid niet verstoord worden, aan geen volk overgegeven worden, maar in eeuwigheid bestaan. Uit het Woord van God leren we dat alleen het Koninkrijk van Christus een goede toekomst tegemoet gaat, en dat in tegenstelling tot alle rijken van deze wereld. Dat moet ook onze gedachten over de toekomst bepalen. Laat je gedachten over de toekomst niet bepalen door allemaal wereldse overwegingen, maar door het Woord van God, dat geen verwachting geeft voor deze wereld en haar begeerlijkheid, maar wel voor hen die Gods wil leren doen: Zij blijven voor eeuwig in het rijk van God dat voor Gods kinderen hier op aarde al begint.
Hoe moeten we over de goede toekomst denken?
Zal dit Koningkrijk op aarde tot volle ontplooing komen? Zal Gods Kerk op aarde nog gaan groeien en bloeien? Zullen er nog hele volkeren tot bekering komen? Zal het Joodse volk nog eens een centrale plaats krijgen binnen dit Koninkrijk? Of zal de Kerk langzaam verdwijnen zoals in de dagen van Elia? Zal het geloof uitgeroeid worden en zal de duivel alle macht krijgen op deze aarde? Zullen Gods kinderen, de een na de ander worden thuisgehaald en zal de Heere met deze schepping een einde maken als Hij zijn taak heeft uitgediend? Het chiliasme heeft veel aandacht voor al deze zaken.
Lezen Openbaringen 20
Het chiliasme
In Openbaringen 20 lezen we over de toekomst van Gods Kerk. Er staat dat er een engel uit de hemel komt met een grote sleutel in zijn hand en een zware ketting; Hij grijpt de draak, de oude slang, de satan, en bindt hem duizend jaren. Hij wordt in een afgrond geworpen en daar al die tijd bewaard worden. Ondertussen zijn de zielen van de mensen die door het getuigen van Christus gedood zijn opgewekt. Hier mee worden de martelaren bedoeld. Het is de eerste opstanding. Ze leven en heersen als koningen met Christus duizend jaar lang. Zalig worden de mensen genoemd die daar bij horen. De tweede dood zal hen niet beschadigen. Na die duizend jaar word de satan weer vrij gelaten. Hij zal de mensen zo veel mogelijk verlijden en dat zal ze brengen tot de eindstrijd. Ze omringen de legerplaats van de heiligen, dat is in Jeruzalem, maar door vuur uit de hemel zal de Heere ze vernietigen en zo zullen de heiligen overwinnen. De duivel en zijn volgelingen zullen voor eeuwig lijden in de hel.
Openbaringen 20 is er de aanleiding van geweest dat er alle eeuwen door mensen geweest zijn die een duizend jarig rijk verwachten als een heerlijke toekomst voor Gods Kerk op aarde. Het Griekse woord voor duizend is chilios, zo is de naam onstaan aan de toekomst verwachting waar zij van uitgaan; het chiliasme. Hoe wel niet iedere chiliast het zelfde toekomstbeeld heeft, zijn ze het in het algemeen wel eens over de volgende zaken:
- De chiliast neemt het getal duizend letterlijk: hij verwacht een toekomstig vrederijk op aarde dat duizend jaren zal duren.
- Hij verwacht 2 wederkomsten van Christus
- Hij leert dat met het binden van de saten, de eerste wederkomst van Christus en de opstanding der heiligen een nieuw tijdperk aanbreekt met groote heerlijkheid hier op aarde voor Gods kinderen.
- De chiliast geeft het Joodse volk een bijzondere plaats in de laatste tijden en meent dat Christus zal regeren in Jeruzalem gedurende het 1000 jarig rijk.
- Na het ontbinden van de saten, dus na die 1000 jaar zal Christus weer met zijn volk terug keren naar de hemel waarna de eindstrijd op aarde zal plaats vinden.
- De Heere zal zijn kinderen verlossen uit de eindstrijd door de duivel met zijn volgelingen te vernietigen met vuur en ze werpen in de hel.
- Hierna zal de eeuwigheid beginnen.
Ds. Meeuse over openbaringen 20
Het is goed om het geheel van wat Gods woord ons leert over de toekomst van de Kerk voor ogen te hebben bij het lezen van dit hoofdstuk. Dan weten we dat de Heere Jezus nooit over een eerste en tweede wederkomst heeft gesproken. Ook heeft hij geen melding gemaakt van een eerste en tweede opstanding der doden en van een duizendjaarig vrederijk op aarde. Hij is dit niet vergeten toen Hij zo uitvoerig over de toekomst van Zijn gemeente sprak. Wel heeft Hij over de toekomstige vervolgingen gesproken en bemoedigingen gegeven voor de moeilijke tijden die aanstaande waren. Zijn profetieen laten duidelijk geen ruimte voor de bonte fantasieen van de chiliasten. Onze belijdenisgeschriften doen dit daarom ook niet. We moeten de gegevens uit openbaring 20 proberen voorzichtig in te passen in wat er op andere plaatsen in de bijbel over de toekomst van de kerk gezegt word. Dan kan met het binden van de duivel bedoeld zijn , dat hij een lange tijd van zijn macht beroofd zou worden. De Heere Jezus weerstond hem met Zijn Woord: er is geschreven... Betekent dit niet , dat de macht van de duivel een lange tijd door Gods Woord gebonden zal zijn? En zou dan de ontbinding van de duivel niet kunnen betekenen dat het Woord van zijn gezag beroofd wordt en men de verbindende waarde ervan loochent? Wat zien we anders in onze tijd? Men leest overal in de Bijbel dat de rustdag een instelling van God is, dat gezag een gebod is, dat echtscheiding en homofilie zonden zijn, enzovoort, maar men maakt er nu van dat deze zaken alleen vroeger waarde hadden. Nu wil men vrijheid om te zondigen en men wil van geen bijbelse normen meer horen. Wordt de duivel daardoor niet ontbonden? En wat de regering der heiligen betreft, men kan denken aan hen die deel hebben aan de eerste opstanding: de genen die opstaan uit hun zondegraf door waarachtige wedergeboorte. De tweede dood heeft geen macht over hen: Christus heeft de dood voor hen verslonden tot overwinning. De eindstrijd komt ook in de profetien van de Heere Jezus voor en het schijnt dat deze niet zo heel ver meer weg is nu de satan ontbonden is.
Toekomst verwachting van A. Brakel
De Heere die ons de werklijke tijd verborgen heeft gehouden, heeft ons verschillende tekenen in Zijn Woord gegeven die voor afgaan aan de komst van Christus, waarvan er sommigen al zijn vervuld.
Deze tekenen zijn:
- De kracht van verleiding door veel ketterijen en valse profeten
- De afval
- Vreeselijke oorlogen
- Aarbevingen
- Watervloeden
- Hongersnooden
- Gruwelijke vervolgingen en verdrukkingen van de kerk
- Algemene zorgeloosheid en goddeloosheid
- Verkondiging van het Evangelie over de geheele wereld
- De openbaring van de antichrist
Brakel noemt noch een paar zaken die voor Christus komst gaan plaats vinden
- De verwoesting van de stad Rome
- Verlating en verachtelijke nederwerping van de hoer van Babel en de uitroeing van haar rijk
- De bekering van de ganse Joodse natie tot de erkentenis dat Jezus is de Messias.
- De duizendjarige heerlijke staat der kerk op aarde en de daarop volgende opstand van Gog en Magog (de eindstrijd)
De grote afval
In het Oude Testament lezen we meerdere keren van, dat het volk Israel van de Heere afvallig werd. In het Nieuwe Testament is het niet anders. De apostelen spreken meerdere malen over gemeenteleden die afvallig werden. Met de grote afval word een bijzondere periode bedoeld. Paulus schrijft aan de gemeente van Thessalonica, Dat de werderkomst niet zal plaatsvinden voor dat eerst de afval gekomen is.
Oorzaken voor deze afval zijn de valse profetie, (valse profeten, wonderen en tekenen die gedaan worden door valse christussen die velen verleiden, de spot waarvoor velen geen stand zullen houden en een sociale boycot, waardoor men in de verdrukking raakt (openbaringen 13 vers 16-18). Het huiveringwekkende van die tijd is, dat God mensen overgeeft aan de zonden die ze doen. We kunnen lezen in Openb. 22:11 die onrecht doet, dat hij nog meer onrecht doe. Zijn kinderen zal God wel bewaren in het uur van de verzoeking.
Een christendom dat zijn identiteit verliest, een massaal verlies aan christelijke tradities en normbesef, een grote ontkerkelijking, de mens die sleutelt aan de grenzen van zijn eigen leven en zich waant een God te zijn (abortus, euthanasie, medische macht, enz) een trug van in het heidendom op allerlei manieren (crematie, occultisme, New Age, enz)zijn zaken die er op wijzen dat we de tijd van de grote afval waarschijnlijk al dicht genadert zijn. Aan de wortel van al deze zaken licht de ontkenning van het bestaan van God, van Hem, Die hemel en aarde regeert.
De antichrist
In 2 Tess. 2 vinden we een duidelijke vermelding van de persoon en het werk van de antichrist. De antichrist is in de tijd van de briefschrijver al aanwezig, maar is nog niet volledig openbaar gekomen. De apostel Johannes sprak in zijn brieven ook over de aanwezigheid van de antichrist, die loochende, dat Jezus de Christus is.
We kunnen ook zeggen, dat verschillende personen als prototypes kunnen worden gezien van de antichrist. Zulke prototypes zijn bijv. Nero, Mohammed en verschillende pausen. In 2 Thess. 2 wordt over hem gesproken als macht, maar ook als persoon. Van hem geld bijvoorbeeld dat hij in de tempel zal zitten. In elk geval zal hij pas echt openbaar komen in de tijd van de grote afval. In zijn persoon vind een concenratie van alle wereldlijke macht plaats. Hij is een diktator en word ‘’de mens der zonde’’ genoemd, die zich bedient van de wetenschap en wijsheid der wereld en over alle terreinen van het leven heerst.
Het eeuweige leven
Het eeuwige leven zal volledig aanbreken als de hemel en de aarde samen verenigd worden. Johannes zag het nieuwe Jeruzalem neerdalen van God uit de hemel. De hemel wordt met de aarde één. Het leven op deze nieuwe aarde is zo anders, dat iedere beschrijving tekort schiet. Het geen het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord en in het hart des mensen niet is opgeklommen, het geen God bereid heeft voor die, die Hem lief hebben. Maar de zaligheid zal daarin bestaan altijd bij de Heere te mogen zijn. En nooit meer door de zonde van Hem gescheiden hoeven te zijn.
Jou toekomst
je denkt vast en zeker weleens aan de toekomst, aan jou toekomst. Veel ervan is onzeker. Wel weet je zeker dat het hier op aarde maar tijdelijk is, dat er een eind aan komt. Verdring die gedachte niet.
Als je onbekeerd bent en zo verder leeft, heb je geen beste toekomst voor je. Wat je opaarde ook zult bereiken, het zal geen echt geluk met zich meebrengen. Echt geluk, zaligheid, krijg je alleen als je tot het Koningkrijk van Christus behoort. Dan moet Hij je Koning worden! Dan moet Hij je regeren door zijn Woord en Geest. En je zult er dan vreugde in vinden je te laten regeren.
Inleiding van Chiel-Jan de Visser en Arco Terlouw